Teleurstelling

11 september 2015

Het leven zit voor een ieder vol met teleurstellingen, grote en kleine. Teleurstellingen doen verdriet, en verdriet is een gevoel waar wij (Nederlanders? Noord-Hollanders? West-Friezen?) maar moeilijk raad mee weten. Het liefst duwen wij dat gevoel weg door het te rationaliseren. Mag je bijvoorbeeld verdrietig zijn als jouw bevalling na een prima start in een spoedsectio eindigde, je een gezond kind kreeg, en jouw zus al 4 jaar probeert zwanger te worden vooralsnog zonder resultaat?

Ik vertel vrouwen dan vaak het volgende verhaaltje; ik was een meisje van 6 jaar en er was een maillot op de markt met een gouden draadje erdoor, die maillot glom!!! Mijn moeder vond het ordinair, maar na heel veel zeuren kreeg ik die maillot, en op mijn verjaardag mocht ik het voor het eerst aan. Ik was zó gelukkig!!! Ik huppelde die dag ver voor mijn moeder uit naar school, en keek ondertussen steeds naar dat mooie glimmende effect van het gouden draadje! Tot ik over een stoeptegel struikelde… en viel… en er een groot gat in mijn maillot kwam (het gat in mijn knie merkte ik niet eens op!). Ik begon vreselijk te huilen… Mijn moeder kwam aangelopen. Ze zei; “ach meisje, huil maar niet, in de arme landen hébben meisjes niet eens een maillot…”

Als je verdrietig bent om een teleurstelling of een verlies dan voelen al je cellen dat. En als je dat verdriet niet uit, dan slaan de cellen dat gevoel op. En als dat vaker voorkomt ontstaat er een poeltje van niet-doorleefd verdriet in je lichaam. En in de loop der jaren groeit dat (door elk niet-doorleefd verdriet) uit tot een groot meer. Om dat verdriet niet te voelen bouw je als het ware een stuwdam om dat meer heen. Weet je wat een druk er op een stuwdam staat? In je lichaam gebruik je ook veel energie om die stuwdam in stand te houden. Uiteindelijk kan dit gezondheidsschade opleveren; vermoeidheid, hoofdpijn, hoge bloeddruk, maagzweer, enzovoort…

Wat moeten we dan doen met teleurstellingen en verdriet? Je moet ze uiten. Je moet huilen, jammeren om de teleurstelling of het verlies dat je hebt ervaren. Alleen, of in het bijzijn van iemand. En dan niet iemand die zegt “ach, het valt wel mee” of “ach, dat is nu voorbij, het leven gaat weer verder”… dat soort gedachten hebben we zelf al heel vaak en snel. Nee, iemand die naast je zit of staat en er voor je is, die luistert en hooguit zegt “wat naar voor je…”. Verdriet is een golf (ter vergelijking een wee!): Het zwelt aan, het overspoelt je, en uiteindelijk zwakt het ook weer af en ebt het weg. Daarna kan je weer verder, dan komt er tijd en ruimte voor de ratio. Dan hoor je mensen vaak zeggen dat het hen heeft opgelucht. Hoeveel keren zo’n golf van verdriet nodig is valt niet te voorspellen, en hangt ook af van de grootte van je verlies of teleurstelling. Maar na een aantal keren dit soort golven van verdriet toe te hebben gelaten, kan je de teleurstelling of het verlies achter je laten. Dan kan je rustig zeggen; ‘wat jammer dat het zo gelopen is’.

Dit is wat ik vaak meemaak in mijn coach-praktijk. Vrouwen komen met andere klachten dan het niet-doorleefde-verdriet. Zij zitten niet lekker in hun vel, hebben moeite met het gewone leven, worden snel boos, kunnen niet genieten en/of voelen zich somber. Vaak blijkt daar dan een weg gedrukte teleurstelling of verlies (of meerderen!) achter te zitten. Met het inzicht daarin en het uiten daarvan tijdens de coach sessies verandert er al iets in hun gemoed. En met huiswerkopdrachten gaan ze daar verder mee aan de slag. Het is bijzonder hoeveel er daarmee in een mensenleven kan veranderen!

Terug naar overzicht